Enkele dagen geleden is dichter, criticus en essayist Hedwig Speliers overleden. Poëzie schrijven, beschrijven en beoordelen: dat was zijn levenswerk. Hij leefde door en voor en van en met de letteren. Hij zorgde in het land der letteren voor commotie omwille van zijn eigengereide kritische visie op Stijn Streuvels.
Als kleine blijk van waardering citeer ik hier uit zijn eigen lijvige bloemlezing met gedichten die hij schreef tijdens reizen in Frankrijk: Als God in Frankrijk (uitg. p, Leuven, 2016, 288 p.).
De bloemlezing begint met dertien Suites françaises, dertien cycli die cirkelen rond één locatie. Een van die suites betreft Saint-Romain-le-Puy (departement Loire) met zijn resten van een middeleeuwse priorij met fresco's uit de romaanse periode.
FRESCO
Ovale vormen, zware kin, de neus geplat,
stroef gelijnde mond en kijkend in de dood
de ogen oriëntaals en eindeloos groot -
hier was een kunstenaar anoniem
en hevig bezig met zijn penselen.
Zijn hand trilt na, verstild palet
waarop de engel breekbaar neergezet
de engel die de boodschap brengt.
In het licht van het transept
volg ik hem, een sterven ongerept.
(uit : Speliers, Hedwig, Als God in Frankrijk, uitg. p, Leuven, 2016, blz. 132)











