In het Picasso Museum in Parijs was er tot begin maart een tentoonstelling van de Amerikaanse artiest Philip Guston (1913-1980).
In de eerste ruimte hangen ze broederlijk naast elkaar met allebei een 'kunstenaar in zijn atelier'.
Wanneer Guston in de jaren 1960 terug figuratief begint te schilderen, is dit meestal op grote formaten. Hij herneemt vaak thema's die hij in zijn beginjaren ook had gemaakt. Zo had hij in de begin jaren 1940 al werken gemaakt rond het geweld van straatbendes in New York. Die bendes gebruikten vuilnisbakdeksels als schilden en gebruikten wat ze onderweg vonden als aanvalswapens zoals blikken, glazen flessen, stenen, ... In de jaren zeventig werd Guston getroffen door de toenemende agressiviteit in de samenleving en in de grote wereld met oorlogen zoals in Vietnam. Hij schildert in 1977 "The Street" (175 x 281 cm) met een reeks armen en handen die vuilnisbakdeksels vasthouden en de tegenstanders liggen overhoop, je ziet enkel benen en voetzolen. Heel in de diepte naderen enkele spinnen, die in de Griekse Odysea de behoeders zijn van de tijd en zorgen dat geen enkel oorlogsslachtoffer wordt vergeten.
Zo ontdekte ik dat de schijnbaar cartooneske schilderijen niet alleen goed geschilderd waren, maar ook heel doordacht werden gecomponeerd met referenties naar de (kunst)geschiedenis.
![]() |
| (Guston : The Street 1977 - eigen foto) |


Geen opmerkingen:
Een reactie posten