vrijdag 17 april 2026

Kandinsky in Villeneuve d'Asq - 2 -

 In een vorige post heb ik al aangegeven dat in het museum van Villeneuve-d'-Asq, een 'nieuwe' voorstad van Rijsel (Lille), een thematentoonstelling te bezoeken is over de Russisch-Duitse kunstenaar Vasily Kandinsky (1866-1944). Deze artiest is bekend als een van de eerste abstracte schilders en theoreticus over de moderne kunst. 
In de expo 'Face aux images' (nog tot 14 juni) wordt getoond hoe hij omging met beeldmateriaal om er tot zijn eigen(zinnige) kunst te komen. In zijn beginjaren bleef hij nog heel figuratief dicht bij zijn bronafbeeldingen. Zo zien we in de tentoonstelling een foto gemaakt door Kandinsky in Venetië (1903), met daarnaast hoe hij deze foto omzette in dit schilderij in het jaar 1904.
(Kandinsky : Erinnerung an Venedig 1904 tempera op karton - eigen foto)


In de zomer 1889 had Kandinsky een studiereis ondernomen naar een gebied op 480 km ten noorden van Moskou om er de rechtsgewoontes en religieuse praktijken te bestuderen. Dit was een opdracht van het "Keizerlijke genootschap voor natuurwetenschappen, antropologie en ethnografie". Hij hield een dagboek bij en maakte veel foto's, die hij later bij zijn verhuis naar München meenam. Rond de eeuwwisseling en in de jaren er net na heeft Kandinsky meerdere werken geschilderd bij het thema van het 'oude Rusland'. Dit zijn meestal kleurrijke werken op een donkere ondergrond met vaak vele stippen en kleine kleurvlakken. Zonder altijd een exacte foto terug te vinden waarop deze werken zijn gebaseerd, ademen ze allen eenzelfde sfeer uit, wellicht gevoed door foto's en andere visuele herinneringen. Hierbij zo'n werk uit 1906 dat in zijn titel ook de interesse van Kandinsky voor muziek mee verklankt.
(Kandinsky : Lied  1906 - eigen foto)

  

woensdag 15 april 2026

Kandinsky in Villeneuve d'Asq -1-

 Het Parijse Centre Pompidou is voor langere tijd gesloten wegens werken en zo ontstaan opportuniteiten voor andere musea. Dank zij een schenking van de weduwe Kandinsky en van een verzamelaar bezitten ze in Parijs een van de grootste collecties van deze artiest, na het Lenbachhaus (München) en het Guggenheim Museum (New York). Met deze verzameling als basis is er nu in het LAM, het Rijselse museum voor moderne en hedendaagse kunst én voor outsiderkunst, een mooie tentoonstelling te zien onder de titel "Kandinsky face aux images" (tot 14 juni). 
We gaan er op ontdekking om te zien hoe deze artiest in de loop van zijn artistieke zoektocht is omgesprongen met de voorstellingen en beelden die op zijn weg kwamen. Hij stond open voor alle beeldtaal : de zogenaamd primitieve kunst, de traditionele volkse uitbeeldingen, de artiesten uit de Europese canon, de spirituele en spiritistische tradities, de fotografie en het nieuwe medium film. Maar hij werd ook geprikkeld door de beelden van de nieuwste wetenschappelijke ontdekkingen uit de sterrenkunde, de geologie, de in zijn kinderschoenen staande biologie, de astrologie. Als een spons zoog hij die beelden in zich op, omringde zich met geïllustreerde tijdschriften en zijn schetsen van op reis of museumbezoek.
Een overzichtelijk parcours in het LAM helpt om mee te verkennen hoe het zoeken van Kandinsky zich ontwikkelde en altijd bezig bleef.
Geboeid en verwonderd vraag je je als bezoeker soms af: hoe werkte deze kunstenaarsgeest om tot op het laatst zich altijd te vernieuwen en open te staan voor wat er zich rondom hem aandiende. Hier een eerste aanzet...

(Kandinsky : Improvisation 3 - 1909 - eigen foto)


zondag 12 april 2026

Koers, koers en koers...

 
(Parijs Roubaix - ©De Morgen)

De 'voorjaarsklassiekers' worden ze genoemd, 
de vele wielerwedstrijden tussen eind februari en eind april,
die elk weekend opnieuw 
hun plaats opeisen langs de weg
en in de media. 
Men komt er naar toe van heinde en verre,
en in die maanden worden de benen 
en de fietskettingen gesmeerd 
bij menige liefhebber 
om even het échte koersgevoel zelf te beleven.
Het is met andere woorden de tijd voor klasbakken, 
zoals dichter Jan Boerstoel dit bezingt 
(oorspronkelijk in zijn bundel Veel werk, 2000).

TIJD VOOR KLASBAKKEN

De lente komt, het peloton is los,
een kleurig lint trekt over de kasseien.
Er zit weer brood in de betonnen dijen
van Rooks en Van der Poel en Oosterbosch.

In naam van sponsor en van palmares
wordt dat weer snokkend naar de meet toe trappen,
op een dieet van pap en runderlappen,
en afzien om den wille van succes.

Dus, wielervrienden, laat je maar weer horen...
De lente komt, we zitten weer van voren!

(uit: Het geluid van de lente. Lentegedichten. Ingeleid door Ingmar Heytze, Uitgeverij 521, Amsterdam, 2001, blz.35)

donderdag 9 april 2026

Lentekriebels...tuinkriebels...

(Luik Park nabij La Boverie - februari 2022 - eigen foto)

 Wie een tuin(tje) heeft weet dat de lente je dringt 
om in je tuin te werken.
Wie in deze eerste lentedagen wandelt, ziet rondom
allerlei tuinen en tuintjes en vermoedt ook tuinen 
achter muren of dichte hagen. Soms denk je dan:
ik zou wel even die verborgen tuin willen zien,
vooral als dit in een dichtbebouwde stadscentrum is.
Maar in onderstaand gedicht van Jos van Hest
is er meer aan de hand. Poëzie die speelt met taal, 
betekenissen en vorm.

VERBORGEN TUIN

voortuin achtertuin zijtuin
kruidentuin knollentuin theetuin
hoftuin proeftuin geveltuin
stoeptuin daktuin speeltuin
moestuin fortuin bloementuin
volkstuin rotstuin groentetuin
wintertuin zomertuin dierentuin
rozentuin binnentuin heemtuin
kersentuin vlindertuin kloostertuin
dwaaltuin schooltuin & tovertuin

(uit: De tuin, nr. 31 van het tijdschrift DICHTER, 
uitg. Plint, 2024, blz. 13)

 

dinsdag 7 april 2026

Een nobel lentelied

 In 2025 verscheen bij Nijgh & Van Ditmar de Nederlandse vertaling van de verzenbundel Ik leg de avond in een la van de Koreaanse dichteres Han Kang (1970).  Deze vertaling uit het Koreaans werd bezorgd door Mattho Mandersloot. Kang ontving in 2024 de Nobelprijs voor literatuur. Deze erkenning zal het wellicht gemakkelijker hebben gemaakt om die bundel uit 2013 alsnog te vertalen en uit te geven. Daaruit dit gedicht (blz.10-11).

LIED BIJ DAGERAAD

In de kier

tussen het lentelicht

en de uitdijende duisternis
(12 april 2020 - eigen foto)

flakkert

een halfdode ziel

en ik sluit mijn lippen

Lente is lente

Adem is adem

Ziel is ziel

En ik sluit mijn lippen

Tot waar strekt ze zich uit?

Tot waar dringt ze door?

Ik wacht af

Zodra de kier zich sluit spreid ik mijn lippen

Zodra mijn tong ontdooit

spreid ik mijn lippen

Nog een keer

Nog een keer

zondag 5 april 2026

Het is Pasen!

 PAASLIED
(eigen foto)


De dood kwam langs
en wou naar zee wij
gingen met hem mee
ik wist de tulpen
in hun vaas de wijn
nog in het glas en
lente is een haas die
huppelt door het gras

(Guus Luijters - Het geluid van de lente. Lentegedichten 
ingeleid door Ingmar Heytze, uitgeverij 521, Amsterdam, 2001, blz. 56)

vrijdag 3 april 2026

April

April kan zo grillig zijn, 
(treurwilg april 2020)

het ene moment zomers vol aanzwellend leven en 
het volgende moment ijskoude gure wind 
die de bloesems in hun knop aanranden.
En zo schuurt april aan ons en weten we ons
overgeleverd aan de grillen van het leven.
Zo lees ik het vers van Hubert van Herreweghen
(1920-2016) uit zijn bundel Karakol (blz. 24, 1995, Tielt).

MIDDAG IN APRIL

Noen.
Pal.
Van glas.
Van onzichtbare zijde.
Van niets.

Hoe breekbaar alles
op dit ogenblik,
't zou plots aan scherven

kunnen vallen, alles, en het al bederven,
tot stof ontploft,

het land, de lucht en ik.

Misschien is het gebeurd,
is de zijde al gescheurd.

Dan zijn wij een herinnering,
die morgen naar het heden beurt.