vrijdag 30 januari 2026

Dichtersaccolade in de poëzieweek - Kuipers omarmt Brodsky

 

In deze week van de poëzie breng ik elke dag niet één, maar twee dichters onder de aandacht, waarbij de ene duidelijk zijn beïnvloeding door de andere toont én zo zijn waardering en bewondering tot uiting brengt.

In de poëzie is een weerkerend thema de poëzie zelf. Dichters verbazen zich altijd weer over hun metier en daarbij lezen ze vaak andere dichters. 
Zo verscheen in Het Liegend Konijn van april 2020 een cyclus korte aforistische verzen over velerlei thema's van de hand van Frans Kuipers (1942). De cyclus is een soort abc, waarbij de dichter allerlei thema's kort aanstipt. Onder de letter d heeft hij het over de Russische dichter en Nobelprijswinnaar Literatuur 1987 Joseph Brodsky (1940-1996), met ook een kleine uitweiding naar W.H. Auden (1907-1973). 
Een visie op poëzie en literatuur in enkele lijnen, met een vette knipoog als uitsmijter.

ABC VAN IE

(...)

d)
Deze twee :
de stilte (immens) van de dingen
en het inktzwarte wonder van het woord.

Brodsky: 'Alleen-zijn leert je het wezen der dingen
want hun wezen is alleen-zijn.'

Brodsky (nogmaals, Auden citerend) :
'Ik heb drie grote dichters gekend,
elk een eersterangs klootzak.'
(uit: Het Liegend Konijn, 2020/1, blz. 149)





donderdag 29 januari 2026

Dichtersaccolade in de poëzieweek - Theunynck omarmt Nolens

 

 In deze week van de poëzie breng ik elke dag niet één, maar twee dichters onder de aandacht, waarbij de ene duidelijk zijn beïnvloeding door de andere toont én zo zijn waardering en bewondering tot uiting brengt.

Op 26 december vorig jaar overleed dichter, vertaler en dagboekschrijver Leonard Nolens (1947-2025). Hij stond bekend als een romanticus, die zijn leven tot literatuur thematiseerde. Hij was geplaagd door angsten en twijfels over zichzelf als kunstenaar, hij was een perfectionist die zonder genade zichzelf en zijn werk onder het vergrootglas legde en nooit tevreden was. Onvervaard liet hij zijn lezers meekijken naar zijn kwetsuren en zijn pogingen om er mee om te gaan. Voor vele jonge dichters was en is hij een voorbeeld dat  inspireert en confronteert, een ijkpunt in hun zoektocht. Zo ook voor dichter Peter Theunynck (1960), die in zijn bundel uit 2014 De benen van de hemel (uitg. Wereldbibliotheek), een cyclus publiceerde onder de titel IJkpunten. Daarin dit gedicht rond Leonard Nolens.

LEONARD

Een mes vindt zijn weg naar de muis
van een hand. Een glasscherf zuigt bloed
uit een duim. Een stuurbreuk, een klaplong,

een fugue. De sterkste verweert zich
met hamer of bat. De handigste bedient
zich van olie en zalf. De stilste incasseert.

Snede bij snede, littekens naar lengte
en kleur, kneuzingen per lichaamsdeel.
Ringmappen vol. Rijke collecties.

Hij legt de vreemdste verbanden, boort
harmonieën aan, krijgt pijn aan het zingen.
Puurt schoonheid uit gapende wonden.
(uit : Theunynck, Peter, De benen van de hemel, blz. 58)



dinsdag 27 januari 2026

Kandinsky leren zien - ten derde male

 Het zien van de Arte-documentaire "Kandinsky Voir la musique, réinventer la peinture" (zie vorige twee berichten) heeft mij doen terugkijken naar wat ik onder andere tijdens een bezoek aan het Lenbachhaus in München (juli 2023) heb gezien en de moeite vond te fotograferen. Zo kom ik bij vier variaties van één thema (als dat geen muziek is...).
Het gaat om vier maal het thema van 'Allerheiligen' met ook hier een variatie tussen figuratief en abstract, allemaal werken uit het jaar 1911.
Boeiend om te zien hoe de kunstenaar zoekt naar een eigen nieuwe taal binnen de schilderkunst, een taal waarin gevoel en rede hun plaats krijgen via kleur, vorm en ritme.
Eerst een glasschildering, een techniek waarbij Kandinsky zich liet inspireren door de volkskunst.

(Kandinsky : Allerheiligen I 1911 glasschildering - eigen foto)


Hetzelfde werk herneemt hij in olieverf maar meer gefocust op kleur en vorm en dus abstracter. Waar velen zoiets nu laten doen door computerprogramma's, was dit voor Kandinsky een zoeken met materie, een eigen werk...
(Kandinsky : Allerheiligen I juli-augustus 1911 - eigen foto)


Hij wil een tweede versie maken rond het thema Allerheiligen en daarvoor maakt hij een schets, zéér abstract.
Daaronder zien we hoe hij het uiteindelijk op doek vastlegde als "Allerheiligen II".

(Kandinsky : studie voor Allerheiligen II 1911 - eigen foto)


(Kandinsky : Allerheiligen II 1911 - eigen foto)


zondag 25 januari 2026

Kandinsky leren zien - nogmaals

 Zoals in een vorig bericht wil ik nog even terugkomen op de documentaire van Arte over de Russische schilder en leraar Wassily Kandinsky (1866-1944) en de relatie tussen muziek en schilderkunst binnen zijn oeuvre. Zie voor een link naar de documentaire op het eind van het vorige bericht.
De abstrahering door Kandinsky is in het begin nog gemakkelijk te volgen. Zie bijvoorbeeld uit het zelfde jaar 1911 twee maal een werk rond Sint Joris. De meest figuratieve is het werk van Sint Joris en de draak. Alles is herkenbaar en gemakkelijk te 'lezen': de heilige zit op een blauw gevlekt paard en steekt met zijn groene lans de draak die kronkelt linksonder (links ... de kant van het sinistere, het kwade).
(Kandinsky : Sint Joris en de draak 1911 - ©Wassily Kandinskynet)


Maar een ander werk van hetzelfde jaar vraagt meer inspanning maar de titel geeft aanwijzingen : Sint Joris
De groene speer blijft centraal verticaal in beeld en de kronkelende draak kan je linksonder ervan 'zien' in de wirwar, terwijl het blauwe paard en het groene gezicht van de ruiter de toeschouwer met hun twee ogen frontaal aankijken. Hier ligt de stuwing meer van boven naar onder, de verticale lijnen geven richting aan ons kijken.
(Kandinsky : Sint Joris -1911 - ©Wassily Kandinskynet)


Tijdens zijn periode als leraar aan het Bauhaus maakt hij een abstract werk in 1925 dat evenwel nog heel de dynamiek van vorige Sint-Joris-schilderijen in zich heeft. De zwarte cirkel is het schild, de diagonale zwarte lijn van linksonder naar rechtsboven de lans, de oranje 'boemerang' bovenaan de helm en de blauwe kommavorm met wit oog het paard en in het oranjevlak onderaan de afdruk van de paardenhoeven. 
(Kandinsky : Auf Weiss II - 1925 - ©wikipedia)


In de documentaire betoogt men dat Kandinsky hier werkt als een musicus die bepaalde thema's herneemt en verder uitwerkt in nieuwe composities. Hoe dan ook, deze nodigt ons in elk geval uit om met aandacht te kijken naar de abstracte werken mét in je achterhoofd zijn eerdere figuratieve schilderijen. Dan krijgt zijn oeuvre meer consistentie en samenhang en kunnen zijn werken dieper resoneren bij ons, de kijkers.

vrijdag 23 januari 2026

Kandinsky leren zien

 Al jaren lang ben ik geboeid door de kunst van de Russische schilder en leraar Vassily Kandinsky (1866-1944). Zijn goed gedocumenteerde overgang van figuratieve naar abstracte schilderkunst helpt kijken, maar toch zijn de werken van Kandinsky niet zo behapbaar. Dat was ook zijn doel, want hij wilde emoties opwekken en losmaken bij de toeschouwer. Hij wilde dat de bezoeker in een museum wat langer zou stilstaan bij zijn doeken om zich af te vragen wat hij ziet en om zich te laten aanspreken door kleur, vorm en 'klank' van het werk. Hij wilde dat elk schilderij van hem een soort van innerlijke resonantie zou veroorzaken bij de kijker. De term resonantie is een muzikale term en dat is gepast, want muziek en schilderkunst waren voor deze schilder twee kanten van eenzelfde medaille.
Onlangs zag ik een documentaire van Arte op NPO onder de titel : Muziek zien, de schilderkunst heruitvinden. Deze kan je op YouTube bekijken (54 minuten in een Franse of Duitse versie, zie hieronder de links).
Altijd benieuwd naar Kandinsky leerde ik wel meerdere aspecten van zijn werk beter te zien.
Een nieuw verband werd getoond tussen een werk uit 1909, de Studie voor Improvisatie 8 en het werk Geel-Rood-Blauw uit 1925.

(Kandinsky : Gelb Rot Blau 1925 - ©Wikiart)


Het laatste werk is abstract spel van kleurvlakken en zwarte lijnen, te lezen van links naar rechts. Als we de kleurentheorie van Kandinsky erbij halen, zien we het felle geel dat een agressieve toon heeft (K. denkt aan trompetten). Dan is er het rood dat passie uitdrukt en voor K. aansluit bij de tuba, terwijl het blauw verwijst naar het spirituele. De donkere blauwen doen denken aan orgelmuziek, terwijl K. in het felle blauw een fluit hoort. De levensloop van een mens gaat voor K van wit naar zwart en ook die lijn kan je onderkennen in dit werk.
Maar voor mij was dan nieuw dat men in dit werk uit 1925 een abstracte herneming ziet van het werk uit 1909. 
(Kandinsky : Studie voor Improvisatie 8 - 1909 - ©wikiart)


In zijn reeks 'Improvisaties' wil K. zijn innerlijke emotionele en spirituele ervaringen uitbeelden met nog figuratieve elementen. De Studie voor Improvisatie 8 toont de uitdrijving van Adam en Eva uit het paradijs, met een engel die met een zwaard de toegang verspert. Centraal en links op het doek heeft geel de overhand, terwijl we uiterst rechts figuren kunnen herkennen met blauw bovenkleed en rode broek of rok. Zoals componisten thema's hernemen en uitdiepen in de loop der jaren, zo varieerde Kandinsky zijn vroegere werken.

Met deze link kan je de Franse versie van de documentaire (Kandinsky : voir la musique réinventer la peinture) integraal bekijken : https://www.youtube.com/watch?v=XroLDgMcnFo
Ontdek je deze documentaire liever in het Duits (Kandinsky, der Maler der Musik) , dan heb je deze link nodig : https://www.youtube.com/watch?v=AQuI2Fm0kIg



woensdag 21 januari 2026

Het laatste konijn - 3 -


 
Eind vorig jaar verscheen voor het laatst 
het tijdschrift Het Liegend Konijn 
en elke regelmatige lezer van deze blog 
weet dat dit tijdschrift vaak een bron is geweest 
voor berichten alhier. 
Op mijn lezenaar ligt graag dat konijn. 
Met spijt neem ik afscheid van het konijn, 
en uit dat allerlaatste nummer 
hier een kort vers van Frans Kuipers, 
een vers dat in zijn eenvoud 
een ode is aan de natuur 
en aan de verwondering van het mogen/kunnen kijken 
naar die altijd eendere andere natuur. 
Het is een uitnodiging 
om met aandacht te blijven kijken.

Kijker,
  nooit komt er aan het worden van wolken een einde;
als ik klaproos en boterbloem goed heb gelezen:
  de zon is nog altijd met de schepping bezig

(uit : Het Liegend Konijn, 2025/2, blz. 124)

(eigen foto mei 2018)


maandag 19 januari 2026

Het laatste konijn - 2 -

 

In het allerlaatste nummer van het tijdschrift Het Liegend Konijn (2025/2) 
is er weer een verzameling verzen te vinden
in verschillende stijlen, 
in verschillende taalregisters, 
met verschillende thema's.
Hier een sensueel gedicht over perziken en liefhebben... 
Dat hoort zomaar samen volgens Isa Altink (1994)

Ik stel me iemand voor
die zich in mijn hand legt als een perzik
stil en glinsterend in het donker

Ik stel me voor dat die perzik langzaam rolt
langs mijn pols, de holte van mijn elleboog, mijn oksel
en op mijn buik gaat liggen, meedeint

Ik stel me voor dat het paard in mij groeit
hoe het met fluwelen neus langs de rand, oren gespitst
de lippen behoedzaam aan de schil, 4 kilo aan bonkend hart

In de winkel blijf ik lang
bij de fruitafdeling staan
(uit: Het Liegend Konijn, 2025/2, blz. 19) 
(Paul Cezanne : Schaal met perziken ca. 1894)