vrijdag 22 augustus 2025

Ver(s)beeld - Demets ziet Raveel

 


De verzen van Paul Demets zijn geen beschrijvende gedichten bij een schilderij, maar ze zoeken hoe de picturale poëzie van Roger Raveel een verbinding maken met de literaire poëzie van Demets. De bundel Het web van omtrek (uitg. Poëziecentrum, Gent, 2021) is in zeven afdelingen opgesplitst. Het vers hieronder bij het schilderij 'Op zoek naar de oorsprong' (1988) is het zevende en laatste vers in de zesde afdeling. De titel van die afdeling is "Veldwerk" en heeft een citaat mee van de Franse filosoof Maurice Merleau-Ponty : "Nu eens is er tussen mij en de gebeurtenissen een zekere speelruimte die mijn vrijheid intact laat zonder dat zij ophouden mij te raken. Dan weer, daarentegen, is de geleefde afstand tegelijk kort en te groot."
De speelruimte van schilder en dichter en nog zoveel meer...

(Roger Raveel : Op zoek naar de oorsprong , 1988)



7.

Boven het koren strijkt wind azuur de hoogte
in. Het land oefent afstand met de wilgen. Hier
is heimwee een hond in een straatje, de palen,
het wasgoed tussenin. Tijd is steeds op reis.

Hoe het dorp daar zo rustig bij blijft, de dood
sprekend een straat, asfalt in penseelstreken. En dat
je hand in één trek de ruimte schept, helder
als papier. Dat jij die vastneemt en streelt en bekijkt

als een ansichtkaart, zo beeld ik me in,
is een gedicht. Je handen, dansend, lezen mij
in de nerven de les. Ze beschrijven waar we nooit
aankomen, een plek zonder adres.

(uit: Demets, Paul, Het web van omtrek, uitg. Poëziecentrum, Gent, 2021, blz. 56)




Geen opmerkingen:

Een reactie posten