dinsdag 12 januari 2021

Wanneer zijn deze donkere dagen voorbij?

 Deze vraag wordt door velen gesteld. Naar wat er juist gevraagd wordt is niet altijd even duidelijk : wanneer zijn we 'verlost' van heel dat coronagedoe? of wanneer worden de dagen écht wel voelbaar langer? Die laatste vraag hangt dan natuurlijk weer af van het weer van de dag zelf én van de innerlijke gesteldheid van de mensen. Op 12 januari zijn de 'donkere zes weken' voorbij: de drie weken voor én de drie weken na de kortste dag, 21 december, zoveel is zeker. 
De andere invulling van de vraag is natuurlijk een ander paar mouwen. Daar durf ik géén antwoord op geven want dat hangt van zoveel factoren af die wij als individu vaak niet in de hand hebben. Maar laat ons hopen dat ook die donkere dagen nu stilletjes aan voorbij zullen zijn. 
(©noodweer.be)


De nacht heeft veel van zijn pluimen verloren in onze Westerse samenleving, zeker in het overbelichte Vlaanderen. Dat besefte ik nog eens bij het lezen van een verzameling gedichten rond het thema "De Nacht", uitgegeven als nr. 18 van de reeks DICHTER, een uitgave van PLINT (eind 2020). Mooi uitgegeven met toegankelijke poëzie voor al wie jong van hart is. En ik besefte toen ook dat er nog ergens in mijn boekenkast een boek wacht om gelezen te worden rond het thema nacht. Iets voor 2021? De titel is veelbelovend: "Nacht en ontij. De geschiedenis van de nacht in de voorindustriële tijd" (Roger Ekirch).
In het voorbije jaar ontdekten we dank zij covid-19 dat de mens ook zijn nachtzijde heeft, hoe verlicht we ook denken te zijn en te leven. Dat waren sommigen ook vergeten. De dichteres Kate Schlingemann helpt om dat niet te vergeten. Een vers dat via vele beelden het wonder van de nacht als donkere plaats vol leven, moeilijkheden en mogelijkheden oproept. Een heel tactiel gedicht vol suggestie en aanzetten, gelezen in die bundel van PLINT (blz. 19). Een gedicht dat ons misschien een beetje kan helpen om ons  met onze eigen donkere zijde wat te verzoenen?

NIET TE VERGETEN

je komt met de maan, brengt de vogels tot zwijgen
woelt om in woestijnen, frommelt aan licht

blaast donker en zand in slapende kamers
sluipt over dekens, kruipt tussen wie ligt

je vult ons met toestand en wilde verhalen
verleden en toekomst vernieuwd en gewist

strooit droomkruimels rond als sporen voor later
bij het warrig ontwaken in flardige mist

om niet te vergeten wie we daar waren,
als hier in de ochtend de lijster weer zingt

Geen opmerkingen:

Een reactie posten